Het aangrijpende verhaal van Sylvesters broer

 

Eind 2012 besluit Sylvester Bhatti om kerst samen met zijn vrouw en kinderen in Pakistan bij zijn ouders en verdere familie te vieren. Sylvester weet niet dat zijn broer op 12 juli van dat jaar een verzoek om bescherming heeft aangevraagd. De bescherming is nodig, omdat hij met de dood bedreigd wordt vanwege zijn activiteiten voor de kerk en voor andere christenen. Dit verzoek werd afgewezen.

Op 22 december wordt opnieuw een seminar voor bewustwording georganiseerd en op 24 december wordt de broer van Sylvester opnieuw bedreigd. Er wordt in de familie over gefluisterd, maar men houdt het stil voor Sylvester en zijn gezin omdat ze hen niet bang willen maken.

Op de avond van 6 januari 2013 maken Sylvester en zijn broer tot laat op de avond plannen voor de komende dagen. De volgende morgen brengt de broer van Sylvester samen met zijn vrouw hun dochtertje op de scooter naar school. Onverwachts worden ze onderweg beschoten. Alle drie zijn door meerdere kogels geraakt. Sylvesters broer overleeft het niet.  Zijn schoonzus en dochtertje worden naar het ziekenhuis gebracht, maar krijgen niet de zorg die ze nodig hadden en lopen een blijvend letsel op.

Sylvester stuurt zijn vrouw en kinderen direct terug naar Nederland en blijft zelf nog drie maanden om zijn schoonzus en ouders bij te staan.

Een week na de moord zijn er opnieuw bedreigingen, de politie wordt om hulp gevraagd, maar heeft smoesjes over de gladde banden van de politieauto’s en vraagt of de kerk geen nieuwe banden kan schenken, uiteindelijk gebeurt er niets. Sylvester heeft over het voorval in de krant geschreven, contact gezocht met de minister president en alles gedaan wat hij kon maar niets mocht helpen. 

Maar één maand is Sylvester in Nederland als hij weer terug moet gaan om zijn familie bij te staan. Het is duidelijk dat zijn schoonzus niet langer veilig is in Pakistan en Sylvester neemt haar en haar dochtertje mee naar Sri Lanka.

Pakistaanse vluchtelingen mogen dan binnen komen in Sri Lanka, maar de ontberingen waar ze mee te maken krijgen zijn enorm. Er is niemand die voor hen zorgt of hen van eten of onderdak voorziet.

Na telefonisch contact met PECA in Nederland wordt besloten een huis te huren waar Sylvesters schoonzus met haar dochtertje en 45 andere gevluchte Pakistaanse christenen kunnen wonen. In de daarop volgende tijd worden er steeds meer Pakistaanse christenen opgevangen in Sri Lanka en worden er andere huizen bij gehuurd.